Informatie over het project Zeetoegang IJmond
Situatie
De Amsterdamse haven groeit flink. Al jarenlang. De groei zit voornamelijk in brandstoffen (olieproducten, kolen) en containers. Maar ook andere sectoren (bouw, food, cruise) blijven het goed doen. Als gevolg daarvan groeit het aantal schepen dat de Amsterdamse haven aandoet. Die schepen, vooral de bulk carriers en containerschepen, worden ook steeds groter. Bij IJmuiden moeten de schepen door een sluizencomplex dat in totaal uit vier sluizen bestaat. De grootste ervan is de Noordersluis, die voor steeds meer vracht- en cruiseschepen vanwege hun omgang de enige toegangspoort is tot de Amsterdamse haven. De Noordersluis stamt uit 1929.
Probleem
De toename van het aantal schepen zorgt voor oplopende wachttijden. Wachten is duur en dus nadelig voor de concurrentiepositie. In 2006 passeerde ruim 60 miljoen ton lading in zeeschepen de sluizen. Als de groei die Haven Amsterdam de afgelopen jaren heeft meegemaakt doorzet, zullen zich al tussen 2010 en 2015 grote capaciteitsproblemen gaan voordoen. De voorspellingen zijn gebaseerd op uitbreidingen van bestaande bedrijven, op investeringsplannen van die bedrijven, en op de komst van nieuwe bedrijven. Het bouwen van een nieuwe sluis duurt, inclusief procedures, 7 tot 9 jaar. Amsterdam loopt dus het risico dat in de nabije toekomst onaanvaardbare opstoppingen optreden. Dat leidt tot economische schade voor Nederland als geheel, want de uitwijkende schepen kunnen ook niet goed in Rotterdam terecht.
De Noordersluis heeft nog twee andere problemen. Het eerste is zijn grootte. De nieuwste generatie containerschepen, die juist op de voor Nederland aantrekkelijke handelsroutes in de vaart worden genomen, passen er niet meer in. Dat is een reëel risico voor de verdere ontwikkeling van de containervaart, die de komende decennia nog steeds dé groeisector in het goederenvervoer is. Tot slot is de Noordersluis al op leeftijd. Er zijn weinig andere infrastructurele projecten van bijna 80 jaar die zo intensief worden gebruikt. De Noordersluis is niet gebouwd op de kracht en de maat van moderne schepen. Uitval door storingen of voor reparatie is dan ook niet ondenkbaar. De economische schade daarvan is enorm, want zonder de Noordersluis zit de hele Amsterdamse haven feitelijk op slot.
Oplossing
Volgens de regio lost een tweede grote zeesluis de problemen op. Als de tweede sluis in gebruik is, kan de Noordersluis eenvoudiger voor onderhoud worden drooggelegd. De schepen kunnen zonder noemenswaardig oponthoud doorvaren, ook al omdat de bouw zodanig wordt uitgevoerd dat schepen geen last meer hebben van tijwisselingen. Als de nieuwe sluis wat breder wordt, is hij tevens geschikt voor de nieuwste generatie vrachtschepen. Dit is vooral van belang voor de containervaart.
Financiën
Een tweede sluis vergt een grote investering. Rijkswaterstaat heeft berekend dat een nieuwe sluis zelf tussen € 325 en € 400 mln. kost. Om de sluis ook werkelijk te kunnen gebruiken (omgeving aanpassen) is nog eens eenzelfde bedrag nodig. In totaal kost de bouw dus tussen de € 650 en € 800 mln. Bij een werk als dit zijn geen financiële tegenvallers te verwachten, omdat de bouw relatief eenvoudig is. De nodige maatregelen in de haven van IJmuiden (no regret) zijn in uitvoering of al uitgevoerd. Rijkswaterstaat blijft overigens onderzoek doen naar verdere verbeteringen in deze haven.
Besluitvorming
Minister Eurlings heeft op 10 juli 2007 toegestemd in het starten van een zogeheten Verkenningsfase, mede op advies van het CPB. Hiermee beginnen alle grote infrastructurele projecten in Nederland. De verwachting is dat die fase duurt tot de zomer van 2008. De Verkenning wordt uitgevoerd door de directie Noord-Holland van Rijkswaterstaat, die hiervoor samenwerkt met de provincie Noord-Holland en de gemeente Amsterdam.
Wat vooraf ging
De start van de Verkenning is het resultaat van de werkzaamheden die door verschillende partijen zijn uitgevoerd onder de naam Zeetoegang IJmuiden. In die organisatie werkten Rijkswaterstaat, Haven Amsterdam, Provincie Noord-Holland, Kamer van Koophandel Amsterdam en Ondernemersvereniging Oram samen.
Het samenwerkingsverband had in april 2005 van de toenmalige minister van Verkeer en Waterstaat (Karla Peijs) de opdracht gekregen om enkele werkzaamheden in de haven van IJmuiden uit te voeren en om enkele onderzoeken te verrichten. Minister Peijs vond namelijk dat de zeetoegang wel gegarandeerd moest blijven (persbericht b), maar wilde nog niet besluiten tot de aanleg van een nieuwe sluis. Zij vond dat er nog onvoldoende was uitgezocht hoe de dreigende congestie kon worden verminderd en zij was, mede op basis van het advies van het CPB, nog niet overtuigd van de forse groeiprognoses van de Amsterdamse haven.
De onderzoeken van het samenwerkingsverband zijn op deze website gepubliceerd.
